Filosofiekalender 2008 (5)

‘Wat voor iemand moet je zijn om zoiets te doen?’ (Arnon Grunberg, De asielzoeker, 2003)

Hoofdpersoon Christian Beck steekt in een bordeel in Israël een zieke prostitué een oog uit met een schroevendraaier. De politie weet niet wat ze met hem aanmoeten als Beck weigert een verklaring af te leggen. In de verhoorruimte zoekt de aanklager naar woorden om het misdrijf te begrijpen. Zelfverdediging? Fantasie? Spijt? Beck heeft geen idee wat hem bezielde en noemt het een calamiteit. Hij herinnert zich alleen de triomf die hij voelde nadat hij had toegestoken.
De politie laat hem zonder straf gaan. Terug in Nederland wordt een oud verhaal van hem in een tijdschrift gepubliceerd. Als de gruwelijke daad die hij in dat verhaal beschrijft door iemand anders daadwerkelijk wordt uitgevoerd, verdringen de journalisten zich om hem te interviewen. Voelt Beck zich schuldig? Voor deze misdaad die hij niet gepleegd heeft, wordt hij publiekelijk op televisie aangeklaagd. Ze confronteren hem met wat er eerder in Israël is voorgevallen. Wat voor iemand moet je zijn om zoiets te doen? Beck heeft geen antwoord. Hij liet toe wat ontoelaatbaar is, een woede die groter was dan hij.