Hollandse anekdotes

Vlak voor mijn vertrek naar de VS was ik een paar dagen in Nederland om de vorderingen omtrent mijn nieuwe roman met mijn uitgever te bespreken. In de versnelde Thalys terug naar Parijs noteerde ik de volgende twee anekdotes.

1. Taalverloedering
Drie persfotografen staan keurig naast elkaar opgesteld langs de rode loper van een café. Wanneer de deur openklapt en een lachend gezelschap parmantig naar buiten stapt, laten ze hun camera’s flitsen.
‘Kijk!’ roept een tienermeisje tegen haar tienervriendin, ‘daar heb je de papparatsies.’

2. Stadse naïviteit
Twee slanke dames staan in een supermarkt voor het kaasschap.
– ‘Eg he, van die Q-koorts,’ zegt de een.
– ‘Nou en of,’ zegt de ander, ‘ik snap niet dat die stomme boeren zo veel beesten bij elkaar zetten. Dan vraag je toch om problemen?’
Ze grijpt naar een pakje gesneden geitenkaas en legt het in haar wagentje.
– ‘Dit eet ik iedere dag,’ legt ze uit, ‘veel magerder dan die vette koeienkaas en dus veel gezonder. Dat zouden meer mensen moeten weten. Maar men is zo dom tegenwoordig!’