Amsterdam (3) – Dwerg

De vrouw die doorgaans in dit appartement woont, is lang – tenminste, dat neem ik aan, want ik heb haar nooit ontmoet. Ik kom uitsluitend in Amsterdam als zij in Australië zit en dus treffen we elkaar nooit. Maar omdat ik tussen haar spullen leef en in haar bed slaap, heb ik wel veronderstellingen.
De etage waarop haar loft is gebouwd, is door de bewoners zelf opgedeeld en vormgegeven met als gevolg dat de appartementen er alle drie geheel anders uitzien. In het mijne komen de wastafel en het keukenblok tot aan mijn borst, zodat ik me tijdens de afwas een dwerg voel. Tel daarbij op dat de kapstok voor mij te hoog hangt, het bed 20 centimeter langer is dan doorgaans en ik op haar robuuste herenfiets net bij de trappers kan, en je trekt dezelfde conclusie als ik: hier woont een lange vrouw.
Maar ik weet nog meer: ze is vegetarisch (kookboeken), biologisch (restjes eten in de kast), ze is goed met planten (het is bijna een tuin hier), ze is praktisch (strakke badkamer die eenvoudig te reinigen is), ze houdt van lichte ruimtes (zelfs de vloeren zijn witgeverfd), ze houdt niet van televisie (er is alleen een kleintje waarop de zenders niet eens staan ingesteld) en ze drinkt niet veel sterke drank (dezelfde, inmiddels stoffig geworden, halflege flessen wodka en whisky die er vorige keer stonden, staan er nog steeds). Daarnaast heeft ze nog een kleine boeken- en cd-collectie en hangt haar kledingkast halfvol met spullen. Als ik op basis van al mijn observaties een oordeel zou moeten vormen, zoals de roemruchte roomraiders op MTV, dan zou ik zeggen: ik zou haar best eens willen leren kennen.