Nooteboom

Soms lees ik een roman en denk: wat een goed boek! Zonder dat het mij aanspoort om de andere romans van deze auteur te lezen.
Soms lees ik een roman en wil ik onmiddellijk alles wat die auteur ooit geschreven heeft tot me nemen.
En soms heb ik meerdere romans van een auteur nodig om mij ervan te overtuigen dat ik toch werkelijk alles van hem of haar moet lezen. Zo’n auteur is Nooteboom.
Het eerste wat ik van hem las, op de middelbare school, was Rituelen. In vergelijking met de boeken van Wolkers en Vestdijk stak dit werk in mijn ogen meteen zeer gunstig af. Het tweede wat op mijn pad kwam, was zijn Boekenweeknovelle Het volgende verhaal. Ik bleef geïntrigeerd, maar zocht mijn heil nog steeds liever bij Kundera. Jaren gingen voorbij en ik kocht Allerzielen. Vervolgens gingen er nog eens jaren voorbij voordat ik Allerzielen ook daadwerkelijk las. En meteen daarna begon mijn verzamelwoede. Ik lees zijn werken inmiddels in de volgorde waarop ik ze in tweedehandswinkels tegenkom en naar Nootebooms bibliografie te oordelen, ben ik de komende jaren nog wel bezig.
Op dit moment geniet ik van In Nederland – de beste twee euro die ik ooit op de Noordermarkt heb uitgegeven.

In: Kunst en cultuur — @ CP 26/04/2009

Amsterdam (4) - Een dag niet schrijven

Ik word wakker als Amsterdam ontwaakt. Een wekker is niet nodig. Het metalige gerinkel van fietsen op straat, de lage zoem van voorbij rijdende vrachtwagens, de stemmen van bouwvakkers, moeders met kinderen en gefrustreerde zakenmannen; alles dringt mijn kamer binnen en wanneer het geluidsniveau buiten mijn raam een bepaalde drempel overschrijdt, word ik wakker.
Mijn dag begint met rommelen; een glas water drinken, het raam open zetten, de kleding van de gisteren in de wasmand gooien. En vaak volgt daarna een uur yoga. Thuis voor het raam of op mijn yogaschool.  In de dag die ik nu beschrijf, fiets ik naar de pijp om daar met aandacht te ademen, mijn buik en rug te sterken en mijn spieren te rekken.
Na afloop ga ik op bezoek bij Warchild – een van oorsprong Nederlandse organisatie die inmiddels in tientallen landen actief is. Duizenden mensen zetten zich in om urgente hulp te bieden en om kinderen met oorlogstrauma’s via creatieve programma’s te helpen hun verleden te verwerken. Op de website van de organisatie staan meerdere vacatures open, zowel voor betaalde functies als voor vrijwilligerswerk.
Een lunch op een terras in de zon volgt en daarna snel naar huis om het zweet weg te wassen en fris bij mijn agente te arriveren. Zij woont tijdelijk in een nieuwbouwflat aan de Westerdoksdijk – het is even zoeken naar het juiste gebouw en de juiste woning, maar eenmaal binnen is het uitzicht over Amsterdam fenomenaal. We bespreken een kort verhaal dat ik geschreven heb en ik vertel haar over alle promotie- en publiciteitsplannen van De Geus omtrent Salto mortale.
Om stipt vijf uur parkeer ik mijn fiets aan de Herengracht voor de boekpresentatie van 100 spirituele plekken die je gezien moet hebben . Maar wat blijkt: de uitgeverij is verdwenen! Ik loop de gracht op en neer op zoek naar Prometheus en stap uiteindelijk de receptie binnen van een concurrent om te vragen waar ik zijn moet. Gelukkig ben ik niet de enige die niet wist van de verhuizing, al staat het receptiezaaltje al bomvol  als ik binnenkom. Er zijn een paar writers on heels, een paar nightwriters en een paar journalisten en verder zijn er veel vrienden en familie.
Weer thuis wacht mijn man op mij met Spaanse tapas en een iPod vol Gypsy Kings. Nog voor middernacht val ik om van de slaap en de wijn en moet ik bekennen dat er weer een dag voorbij is.
Morgen weer schrijven.

In: Het literaire leven, Het reizende leven — @ CP 24/04/2009

Salto mortale (4)

En ineens heb je dan een ISBN nummer en fluistert je uitgever je toe dat het boek op zondag 6 september de wereld in gaat. Als de datum wat dichterbij komt, zal ik alles over de presentatie uit de doeken doen.

In: Nieuws — @ CP 23/04/2009

Amsterdam (3) – Dwerg

De vrouw die doorgaans in dit appartement woont, is lang – tenminste, dat neem ik aan, want ik heb haar nooit ontmoet. Ik kom uitsluitend in Amsterdam als zij in Australië zit en dus treffen we elkaar nooit. Maar omdat ik tussen haar spullen leef en in haar bed slaap, heb ik wel veronderstellingen.
De etage waarop haar loft is gebouwd, is door de bewoners zelf opgedeeld en vormgegeven met als gevolg dat de appartementen er alle drie geheel anders uitzien. In het mijne komen de wastafel en het keukenblok tot aan mijn borst, zodat ik me tijdens de afwas een dwerg voel. Tel daarbij op dat de kapstok voor mij te hoog hangt, het bed 20 centimeter langer is dan doorgaans en ik op haar robuuste herenfiets net bij de trappers kan, en je trekt dezelfde conclusie als ik: hier woont een lange vrouw.
Maar ik weet nog meer: ze is vegetarisch (kookboeken), biologisch (restjes eten in de kast), ze is goed met planten (het is bijna een tuin hier), ze is praktisch (strakke badkamer die eenvoudig te reinigen is), ze houdt van lichte ruimtes (zelfs de vloeren zijn witgeverfd), ze houdt niet van televisie (er is alleen een kleintje waarop de zenders niet eens staan ingesteld) en ze drinkt niet veel sterke drank (dezelfde, inmiddels stoffig geworden, halflege flessen wodka en whisky die er vorige keer stonden, staan er nog steeds). Daarnaast heeft ze nog een kleine boeken- en cd-collectie en hangt haar kledingkast halfvol met spullen. Als ik op basis van al mijn observaties een oordeel zou moeten vormen, zoals de roemruchte roomraiders op MTV, dan zou ik zeggen: ik zou haar best eens willen leren kennen.

In: Het reizende leven — @ CP 22/04/2009

The Sheer

Vorige week in de Melkweg werd de nieuwe cd van The Sheer uitgebracht: Here and Now and Long Before. Wie gelooft dat Nederlandse bands alleen vrolijke popliedjes kunnen maken, zal versteld staan van wat deze jongens uit Haarlem hebben opgenomen. Prachtige melodieën, originele gitaarpartijen, volwassen teksten en een stem die direct tot je ziel lijkt door te dringen. The Sheer kan zo op wereldtournee vertrekken. Dat mijn man de band hier en daar een beetje  heeft geholpen als producent heeft daar misschien wel iets, maar toch zeker niet alles mee te maken. Nieuwsgierig? Kijk dan eens hier.

In: Kunst en cultuur — @ CP 21/04/2009

Amsterdam (2) – Schaamrood

Wanneer ik thee zet, en dat doe ik gemiddeld vijf keer per dag, kijk ik door het zijraam in mijn keuken en heb ik uitzicht op twee prostituees. Een enkele keer zie ik een klant naar binnengaan of vertrekken en dan wend ik mijn blik met plaatsvervangende schaamte af.
Ik heb niets tegen prostitutie en vind het goed dat het in mijn land legaal is – en toch heb ik er ook iets op tegen. Het is waarschijnlijk een licht gevoel van minachting voor de mannen die van betaalde seks houden. Ik kan me er namelijk niets bij voorstellen, ook niet na films over veertigjarige vrouwen gezien te hebben, die zich op Caribische eilanden door donkere jongens laten verwennen. Seksualiteit hoeft niet altijd met liefde verbonden te zijn, maar in mijn optiek toch wel met wederzijdse begeerte. Je te laten betasten door een man of vrouw die jou niet aantrekkelijk vind, lijkt me vernederend.
Misschien is het dus meer medelijden wat tot mijn schaamte leidt, in plaats van minachting. Ik weet dat de meeste mensen die voor seks betalen anders over de zaken denken en het voor hen niets met zwakte te maken heeft – eerder met macht en het vermogen om egoïstisch te kunnen genieten – en toch gaat die schaamte van mij niet weg. Want is het genot stiekem toch niet groter als het je vrijwillig gegeven wordt in plaats van dat je het koopt?

In: Het reizende leven — @ CP 16/04/2009

Amsterdam (1) – Paasimpressie

Voor het open raam van mijn tijdelijke verblijf aan de gracht in Amsterdam kijk ik naar de mensen beneden mij. Bij mooi weer gaan Amsterdammers blijkbaar niet naar het Keukenhof of de woningboulevard. Bij mooi weer gaan ze en masse op straat zitten. Niet alleen op terrassen – want hoewel er honderden zijn, zitten die rond elf uur ’s morgens al vol – nee, Amsterdammers zetten hun eigen meubilair op straat, nemen plaats op de trap van de stoep, gaan op de kade zitten en laten hun benen bungelen of vinden een bankje of een boot om op te zitten. De vrijheid die Amsterdammers nemen om van de zon te genieten is groot.
Recht onder mijn raam wordt er een filmpje opgenomen met een cameraman, een geluidsman (hij die de boombox draagt) en drie jonge meisjes die in eighties outfit op een eighties liedje dansen. Een goedkope reclame? Een Youtube filmpje? Aan de overkant leert een vader zijn zoontje hoe hij het touw moet bewegen om een lus te creëren waarin iemand zou kunnen touwtjespringen. Na een paar minuten gaat het al goed –er is alleen niemand om te springen. Totdat een vrolijke voorbijganger in de lus duikt en het zoontje de vrouw vol trots weet uit te putten. Een ultraslank meisje van rond de dertien, zo een die nog geen borsten of heupen heeft, draagt een enorme taart in haar handen met een gele Paasstrik eromheen. En op de gracht vaart een boot voorbij waarop in het volle zicht van alle terraszitters een poepluier wordt verschoond.
Niets bijzonders misschien, dit plaatje, behalve als je je probeert voor te stellen hoe Parijs eruit zou zien als de Fransen zich zo zouden gedragen – dit beeld, van allerhande vrijzinnige mensen buiten rond de gracht, hoort bij Amsterdam en ik geniet ervan.

In: Het reizende leven — @ CP 14/04/2009

Olifanten

Terug uit Spanje. Op weg naar Amsterdam.

Terwijl de eerste proefdruk van Salto mortale ieder moment op de mat kan vallen, wordt mijn aandacht al weer opgeëist door een nieuw boek. Daarover ga ik voorlopig weinig verklappen, maar het heeft iets met de polder te maken en met de IJssel. Om die reden las ik de afgelopen tijd veel over de watersnoodramp van 1953. Op de website van deltawerken.com las ik een vergelijking die sterk op mijn lachspieren werkte:

“In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 heeft het lot van de tussen de 1 en 1,5 miljoen inwoners van de Randstad aan een zijden draad gehangen. Een deskundige vergeleek die nacht met een kudde olifanten die door het oog van een naald kroop.”

Je ziet het gewoon voor je.

In: Het literaire leven, Van alles en nog wat — @ CP 12/04/2009

Andalusië (5) - Colonne Puntmutsen

De afgelopen jaren heb ik veel in Europa gereisd met een toenemend gevoel van vervreemding. Op het eerste gezicht lijkt alles vertrouwd. Er is brood en wijn, er zijn hotels en restaurants en zelfs als je de taal niet spreekt, red je je wel, omdat Europese idiomen nu eenmaal veel op elkaar lijken en iedereen wel een paar woorden buitenlands spreekt.
Zodra je beter kijkt, langer blijft of uit het toeristenmilieu stapt, begint de verwarring. Waren de Moorse paleizen van Alhambra tot Alcazar al verrassend en begreep ik weinig van de liefde voor stierengevechten of flamenco, mijn verbazing sloeg alles toen de katholieke processies op Palmzondag van start gingen.
We waren gewaarschuwd, dat wel, maar niets had mij kunnen voorbereiden op de massa’s mensen, de eindeloze rijen gelovigen en de angstaanjagende symboliek. Kuddes Spanjaarden, op hun paasbest gekleed, waren uitgelopen om de verschillende religieuze broederschappen te verwelkomen en aan te moedigen, want de kern van processie bestond uit loodzware houten kisten, pasos genoemd, waarop afbeeldingen van heiligen stonden of complete taferelen over de kruisiging, en die kisten werden door een groep costaleros gedragen, wat een helse, vergeef me het woord, onderneming bleek te zijn. De processies gingen vaak traag voorbij, omdat de dragers tijd nodig hebben om te rusten, te eten en drinken en elkaar af te wisselen. Voor en achter de kisten liepen colonnes kinderen en volwassenen in jurken en puntmutsen, een kledij die buiten Spanje beter bekend is als die van de Ku Klux Klan – de Spaanse Katholieke kerk zal niet erg te spreken zijn geweest over het feit dat deze racistische groepering uitgerekend de puntmuts verkozen heeft tot zijn symbolische kledingdracht.
De processie waarvan hieronder foto’s staan, vond overdag plaats en was in vergelijking met wat er die avond volgde beperkt. Niet wetend wat ons te wachten stond, verlieten wij rond achten het hotel om twee vrienden in een nabijgelegen deel van de stad te ontmoeten, maar het was onmogelijk onze wijk te verlaten. Het stadsdeel was hermetisch afgesloten door massa’s mensen die de processie, die via de nauwste straten onze wijk binnentrad, te bekijken. Uiteindelijk gaven we onze pogingen om te ontsnappen op en probeerden in het beschaafde feestgedruis op te gaan. Nooit voelde ik mij meer een buitenstaander in Europa dan die nacht.

In: Het reizende leven — @ CP 11/04/2009

Andalusië (4) - Stierenmuziek en Alcazar

Een fotoverslag.

(De laatste tekst over Sevilla volgt morgen.)

In: Het reizende leven — @ CP 10/04/2009