Personages (L.A – November 2007)

De gastvrouw: een talentvolle eendagsvlieg uit de jaren tachtig die haar muzikale carrière een nieuw leven inblaast via Myspace.
De gastheer: een twintig jaar jongere fan die van enkel tot hals bedekt is met tatoeages.
De gelegenheid: Thanksgiving.

‘We live in the ‘O’ of the Hollywood sign,’ zei de gastheer bij aankomst.
‘Which one?’ vroeg ik. ‘There are three.’
Hij lachte. ‘There is only one Hollywood sign, sweetie.’
Als kind droomde hij ervan om van onder tot boven bedekt te zijn met tatoeages. Nu zijn droom is uitgekomen, voelt hij zich bedrogen. Tatoeages worden tegenwoordig gedragen door mensen met wie hij zich niet identificeert en die uit een en dezelfde gietvorm lijken te komen. Ik snap wat hij bedoelt. Louis Vuitton heeft aan waarde ingeboet nu identieke tieners in roze velourspakken met zijn tasjes rondlopen.

De gastvrouw is een nazaat van een Texaanse katoenfamilie en is opgevoed door een Russische balletdanser die enige tijd door haar moeder werd afgeperst. We hebben afgesproken dat ze binnen tien jaar een autobiografie schrijft en dat als ze dat niet doet, ik haar verhaal mag hebben. Indien ik het boek ooit schrijf, zal niemand geloven dat het op ware gebeurtenissen is gebaseerd.

De gastvrouw en -heer delen de villa, die door een architect onder invloed is ontworpen, met een kleptomanische hippie die haar echtgenote aan een ‘embryo’ heeft verloren (een zeventienjarige bibliotecaresse) en haar kinderen van twaalf en veertien alleen thuis laat wonen om zelf in opvangklinieken onwillige verslaafden van de drugs af te helpen.
De andere gasten: een aan lager wal geraakte muziekproducent die zijn spierkrampen te lijf gaat met in magnesium gewassen sokken, een aan maagzweren lijdend model dat beweert de muze van Leibovitz te zijn, een Amerikaan die zo verfranst is dat hij tijdens het diner over niets anders kan spreken dan het gebrek aan fatsoen in de VS en een nieuwsgierige schrijfster die haar oren en ogen openhoudt met het idee dat zij in een roman leeft en alleen hoeft op te schrijven wat ze beleeft om een goed verhaal in handen te hebben.

In L.A. vind je op iedere hoek een personage.

In: Het reizende leven — @ CP 23/01/2008

Citaat

Jung (al weet ik bij god niet meer in welk boek - dit citaat heb ik overgenomen terwijl ik dronken was en iemands boekenkast plunderde.)

“One does not become enlighted by imagining figures of light, but by making the darkness conscious.”

Voila!

In: Kunst en cultuur — @ CP 13/01/2008

Tony’s (Malibu – november 2007)

Zijn lach is sprankelend en echt. Geen glimlach uit beleefdheid, geen verkoopvrolijkheid. Deze man houdt van zijn werk. Met een snelheid die zijn professionaliteit verraadt, maakt hij een tafel voor ons klaar. Een kaars, een bloem, bestek en servetten. Nog voordat we onze stoelen hebben aangeschoven, tinkelt het ijswater in onze glazen. Tijd om de kaart te lezen hebben we niet: hij somt de beste gerechten voor ons op en zwaait daarbij van verrukking met zijn handen in de lucht, alsof hij de gekruide gerechten die hij aanprijst al kan proeven. Wanneer hij een fles op de wijnkaart aanbeveelt, doet hij dat met zo veel kennis en enthousiasme, dat we denken dat hij de eigenaar is.
Er zijn geen voortekenen van wat zich later zal voltrekken. Er zijn geen voortekenen of wij zijn stekeblind.
De maaltijd bevalt ons en een week later keren we terug, ditmaal voor een glas wijn aan de bar. Het is de vrijdag na Thanksgiving, de zaak is afgeladen. Ik herken onze ober, die met zweetparels op zijn neus door de drukte manoeuvreert, zijn gezicht in een wrange frons vertrokken. De bordeaux die we geserveerd krijgen is zo zuur, dat we uit frustratie maar weer een wijn uit Napa Valley bestellen. Californië maakt uitstekende wijnen, maar alle cabernets smaken hetzelfde.
We proosten op de succesvolle afloop van het album dat D en M aan het opnemen zijn en uit het niets klinkt een jammerkreet met een vet Italiaans accent: ‘You pushed me! Why did you push me! Everybody saw it!’ Onze ober ligt op de grond, aan de voet van onze bar. Met één arm ondersteunt hij zijn bovenlichaam en met zijn andere wijst hij naar een grijze dikbuikige man die met zijn armen over elkaar geslagen toekijkt. ‘You treat me like an animal. You pushed me!’ De ober kijkt in het rond – hij heeft de aandacht van alle aanwezigen. ‘They think you are a nice guy. They don’t know…Tony… you treat me like an animal.’
Tony zakt door zijn knieën en biedt zijn schreeuwende werknemer een hand aan. Hij murmelt iets wat ik niet kan verstaan, maar wat vast iets is als: kom, sta op, niet zo moeilijk doen. De ober laat zich niet vermurwen. ‘You pushed me! Everybody saw it! Why did you do that? My leg!’ Andere obers schieten Tony te hulp en proberen De Gevallene te overreden op te staan. Tevergeefs. ‘You treat me like an animal.’ Dezelfde zinnen, dezelfde toon. ‘You pushed me!’ Het oorspronkelijke medelijden van de gasten voor de ober verdwijnt als hij een stap te ver gaat en in gespeeld huilen uitbarst. Een derderangs soap acteur met gebrekkige teksten. ‘Why did you push me? My leg!’
Tien minuten later arriveren de zwaailichten. Er klinkt applaus als twee ambulancebroeders de ober op een brancard tillen en het restaurant uitdragen – ongeloofwaardig als het was, dwingt zijn voorstelling respect af. Ondertussen ondervragen agenten de omstanders. Niemand heeft gezien wat er is gebeurd.
Wij vertrekken – de sfeer is verziekt - en nemen plaats aan onze tafel in het Japanse restaurant waar we gereserveerd hebben. Als we de obers daar inlichten over wat er bij Tony’s is voorgevallen, lachen ze en schudden beschaamd hun hoofd: die Tony toch. Afgelopen jaar verloor hij drie miljoen dollar in een rechtszaak en op dit moment worden er uitspraken verwacht van drie andere zaken: sexuele intimidatie, misbruik en geweld.
We kijken elkaar vertwijfeld aan.

In: Het reizende leven — @ CP 11/01/2008

Voornemens

Ik wens alle lezers van dit blog een gelukkig en succesvol nieuwjaar!

2008 is het jaar waarin ik geen voornemens zal maken.

In: Van alles en nog wat — @ CP 01/01/2008